Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies.

Sluiten

Laten huilen…  NIET DOEN!

Soms, sóms is een empathische confrontatie nodig. Een grens stellen en kalm en rustig zeggen: ‘Niet meer doen… cry-it-out’ ‘Niet meer adviseren, professionals van Nederland.. extinctie bij huilen in de nacht’.

Cry-it-out is de gewoonte om je kind ’s nachts te laten huilen. Een gewoonte die stamt vanaf ca 1900, toen kinderartsen dit begonnen te adviseren. Cry-it-out kreeg in de jaren ‘30 massaal navolging, mede onder invloed van de beroemde behaviorist Watson. Hij stelde autonomie als waarde zó voorop in de opvoeding dat hij z’n eigen kinderen verbood te knuffelen met hun moeder. Ze mochten haar elke ochtend een hand geven. Even snel terzijde: grappig genoeg hebben we veel kennis over het uitdoven van trauma-reacties aan diezelfde Watson te danken.

Eenzaam huilen op je slaapkamer, opgesloten zitten achter een deur…  vanaf peuter af aan weten dat je ’s nachts niet bij je ouders hoeft aan te kloppen, want dan is het hommeles. Ik ken een aantal adolescenten uit mijn beroepspraktijk als klinisch psycholoog en psychotherapeut, die cry-it-out in hun leergeschiedenis hebben zitten. De rommel daarvan opruimen duurt een tijd. En dan gaat het om: wantrouwen naar wat grote mensen voor je kunnen en willen doen, verlatingsangst in relaties, op een kinderlijke manier superangstig zijn ’s nachts voor geesten in de slaapkamer, een beetje zoals peuters angstig zijn voor krokodillen onder het bed. Want weten dat je er ’s nachts alleen voor staat in je kindertijd, dat hakt erin. Natuurlijk zie ik juist de situaties waar het ook op andere terreinen niet lekker liep. En heb ik een bias: ik zie alleen de adolescenten waar het niet goed mee gaat. Tegelijkertijd, ik ben er van overtuigd dat de afgeschakelde houding, die vaak gepaard gaat met kinderen leren zelfstandig slapen, z’n sporen na laat.

Want dit is m’n droom…Waarom leren we als hulpverleners ouders niet dat ouderlijke beschikbaarheid ’s nachts gewoon doorgaat? En dat, als dat niet lukt, je mag rekenen op een netwerk? En, als dat ontbreekt, dat er dan professionals zijn die met jou een netwerk organiseren? En, als dat niet goed lukt, dat er dan een plek in het ziekenhuis is, waar je terecht kunt om sámen met je kind bij te komen. Waar ze het niet vóor je oplossen, maar samen met je kijken wat nog lukt als je zo dood en doodvermoeid bent geraakt van het eerste jaar met een baby die je ’s nachts regelmatig nodig heeft. En waar ze je opnieuw leren vertrouwen op je eigen vaardigheden. En je helpen om weer sensitief te worden voor je kind.

Net zoals het mijn droom is dat we een 114 krijgen… een variant op 113 natuurlijk. Een landelijke plek waar je dag en nacht geholpen wordt om je kind niet van pure ellende uit het raam te gooien, maar waar je troost vindt en regulatie en desnoods een leuke hulpverlener. Die al aan de telefoon zegt: ‘Wacht, ik kom eraan… ik kom bij je op de trap zitten, of op de bank… waar je wilt. En we troosten, net zolang als nodig. Tot het voorbij is. Want aan al het huilen komt een einde. Heus… alles komt goed.’

Bron: Vakbladgroep, klik hier

Marilene de Zeeuw

Drs. Marilene de Zeeuw is Klinisch psycholoog, Infant Mental Health Specialist en gedragstherapeut en supervisor VGCt.

Wilt u een afspraak maken of heeft u een vraag?

Certificering

Copyright © 2018 Balans Gezondheidscentra - All rights reserved
Realisatie impulsontwerpt.nl